Continuïteit van leven en bewustzijn
Geplaatst op: 27-05-2009
Reïncarnatie of continuïteit van leven zoals ik het in dit boek bedoel en gebruik betekent voor mij niet dat je na je dood weer terug kunt komen op aarde als dier, als plant of als steen. In sommige religies geloven ze dat wel maar voor mij is dat niet zo. Ook is continuïteit van leven voor mij niet een vluchtweg waardoor ik de moeilijkheden en problemen van dit leven kan doorschuiven naar een volgend leven. Het leven is iets dat nu geleefd kan en mag worden en problemen doorschuiven werkt gewoon niet, want dan is er hier en nu namelijk geen groei mogelijk in jezelf. Ook is continuïteit van leven niet een excuus voor mijn houding en gedrag in dit leven. Ik ben nu ik, en wat er ook is geweest in die vorige levens, het is slechts een deel van mij, een deelaspect van mijn bewustzijn, van wat ik nu in mij draag. Ik kan nooit stellen dat ik, Rob Droog, ooit in een vorig leven dit of dat ben geweest of heb gedaan. Ik, zoals ik nu ben, is een eenmalige vertoning en volstrekt tijdelijk en volstrekt uniek, net zoals dat ieder mens eenmalig en volstrekt uniek is.
Dat unieke dat ik nu ben, dat jij nu bent, dat is natuurlijk wel een gevolg van die vorige levens, maar we zijn niet dezelfde persoon uit dat vorige leven. Die personen uit voorgaande levens zijn allemaal gestorven en daarmee zijn die unieke persoonlijkheden in innerlijk en uiterlijk compleet verloren gegaan. Wat gebleven is (en dat dragen we in ons) is het persoonlijk bewustzijn dat die persoon had. Alles is energie en energie gaat nooit verloren, de vorm wel. En daardoor liggen er wel verklaringen in die vorige levens voor bepaalde gedragingen, gevoelens, kennis en verlangens die we nu hebben. Voor het man zijn of vrouw zijn in dit leven, voor alles wat er in en om ons heen is. Het zijn bepalingen, oorzaken en gevolgen waar we mee te maken hebben. Ik noem het maar uitgangsposities waarmee we begonnen zijn in dit leven. Maar ondanks dat, zie ik mezelf hier en nu voortdurend verantwoordelijk voor mijzelf en de wereld waarin ik nu leef en dus ook voor die zaken die meegekomen zijn uit die voorgaande levens. Verantwoordelijk, maar niet vanuit een zwaar en schuldig perspectief. We zijn niet schuldig en we worden niet gestraft. Daarom heeft continuïteit van leven voor mij ook niets te maken met het idee dat het eventuele lijden in dit leven een afstraffing zou zijn voor dat wat ik in vorige levens fout gedaan zou hebben. Het is een oorzaak– en gevolgverhaal waarin logica een grote rol speelt. Dat idee van straffen, zondig en schuldig zijn, zie ik meer als onderdeel van een verziekt geloofssysteem waarin een straffende en wrekende God de hoofdrol speelt en niet de logica, niet oorzaak en gevolg en daardoor ook niet de liefde, de mildheid, de zachtheid, en het begrip.
Ik heb nu enigszins duidelijk aangegeven wat continuïteit van leven voor mij in dit boek niet is. Wat is het dan wel? Wat kan continuïteit van leven betekenen in het dagelijkse leven en beleven? Bijvoorbeeld gewoon als idee of besef dat dit leven een gevolg is van voorgaande levens. Dat dit leven een voortborduren is op dat wat er al was in mij, in jou, in alles en iedereen. Eigenlijk is het hele concept van continuïteit van leven niets anders dan het besef dat deze dag (ondanks dat het ’s morgens een nieuwe dag is) een rechtstreeks gevolg is van de dag ervoor. Zij het in een wat onoverzichtelijkere en onbewustere vorm. De dingen die ik gisteren, eergisteren, vorige week, vorige maand of vorig jaar wel of niet heb gedaan bepalen toch voor een deel de gang van zaken en inhoud van deze nieuwe dag. In wezen maakt het weinig uit, de ene dag na de andere, de ene week na de andere, de ene maand na de andere, het ene leven na het andere.
Het wezenlijke verschil zit in het besef van tijd, de duur, de vorm en de ruimte, maar het proces is hetzelfde. Wat ik vandaag gedaan of opgeruimd heb hoef ik morgen niet meer te doen, wat ik vandaag laat liggen zal ik morgen of overmorgen of volgende week alsnog moeten oppakken. Dat is allemaal geen kwestie van straf, schuld of zonde, maar een logisch verhaal over oorzaak en gevolg. En in wezen zitten we allemaal in een vervolgverhaal, of we dat nou willen of niet. En is dát idee nou zo veel meer of minder geloofwaardig dan denken dat het leven na de dood stopt of dat je na de dood naar een hemel of hel gaat? Aangezien we nog geen live verslaggeving hebben van het sterven en wat daarna gebeurt, zullen we het moeten doen met onze eigen aannames en ideeën, onze eigen ervaringen op fijn–stoffelijke niveaus. Eventueel aangevuld met de bijna dood ervaringen van anderen, de dromen over de overledenen en de interpretaties die we daar vervolgens aan geven. Maar al met al ben ik toch erg geneigd om de logica van zaken te volgen via het onderzoeken van aanwijzingen en verbanden tussen vaak ogenschijnlijk losstaande aspecten van het leven en beleven van alle dag. En dan verklaart de continuïteit van leven voor mij de meeste, zo niet alle levensvraagstukken.
Ik benader continuïteit van leven als een heel oud prereligieus gegeven waar slechts het gegeven aan ten grondslag ligt dat energie nooit verdwijnt maar slechts verandert van vorm en samenstelling. Naar mijn idee was dat bij verschillende culturen ooit een heel normaal en geïntegreerd volks–weten. Men wist van levens die elkaar opvolgden als een logisch gevolg van de “natuurkundige wetmatigheid”. Men leefde daar ook naar. Het lichaam hield op te bestaan, maar de inhoud, het bewustzijn bleef bestaan. Dus ook alle verbindingen, aanrakingen, ervaringen en kennis in dat stukje bewustzijn bleven aanwezig. Hierdoor staat geen enkel leven, hoe nieuw en pril dan ook, alléén en op zichzelf. Noch de gebeurtenissen in een leven. Alles zit dan in die stroom van oorzaak en gevolg, gevat in een continuïteit van leven. Elk pas geboren kindje heeft reeds inhoud, heeft een voorgeschiedenis, heeft een reden om juist op die plek, die tijd, en bij die ouders het leven in te stappen. Geen enkel kindje komt zomaar ergens terecht, gaat zomaar ergens heen, gaat zomaar ergens dood, is zomaar gezond of ziek, arm of rijk, veilig of onveilig.
De religieuze kleur die continuïteit van leven tegenwoordig heeft, is er naar mijn mening pas veel later aan gegeven. Hierdoor is het gegeven uiteindelijk een onderdeel van religie geworden, een religieuze overtuiging. Mede hierdoor en het gegeven dat de continuïteit van leven nog niet door een experiment te verifiëren is, is deze continuïteit van leven voor bijvoorbeeld de wetenschap niet meer bruikbaar. Ook de medische wetenschap gebruikt deze “natuurkundige wetmatigheid” niet en gaat er dan ook vanuit dat bijvoorbeeld lichamelijke, geestelijke en psychische problematiek alleen maar in het huidige leven kunnen zijn ontstaan. De werkelijke oorzaak én betekenis van ziekte en geestelijke of psychiatrische problematiek zal vanuit dat perspectief dan ook nooit werkelijk gevonden kunnen worden omdat deze nooit op zichzelf staat. In deze problematiek spelen altijd oorzaken en betekenissen die alleen traceerbaar zijn in die continuïteit van leven en nooit in een klein onderdeel daarvan, zoals bijvoorbeeld dit ene leven, of slechts die ene mens. Vanuit dat beperkte kijken komen wetenschappers en medici soms tot grote misvattingen. Bijvoorbeeld: jonge kinderen krijgen naar mijn mening geen kanker door stress, gebrek aan warmte en liefde, slecht eten of een ongezond leven. Oudere mensen overigens ook niet. Te veel jonge kinderen en ook te veel oudere mensen op deze aarde hebben stress, krijgen geen warmte en liefde, eten slecht en leven ongezond en krijgen géén kanker. Mensen worden naar mijn mening ook niet psychotisch door stress, een moeilijke jeugd en/of een traumatische ervaring. Er zijn namelijk te veel mensen die stress hebben, een moeilijke jeugd hebben gehad of een traumatische ervaring hebben opgedaan en op geen enkele wijze last hebben van een psychose.
Je kunt dan eigenlijk slechts stellen dat de oorzaken die de medische wetenschap geeft voor ziektes als bijvoorbeeld kanker en psychoses te vaag en te breed zijn opgesteld. Hierdoor is eigenlijk nooit werkelijk nauwkeurig en onomstotelijk vast te stellen waardoor de één ziek wordt en de ander niet. Waarom de één geneest en de ander niet. Daarbij zijn de fysieke oorzaken die men kan vaststellen vaak ook weer gevolgen van iets wat men niet kan vinden, niet materieel is en niet begrijpt. En zoals ik al eerder aangaf, zal men dit ook niet kúnnen begrijpen zolang oorzaak en gevolg binnen het kader van één leven en één mens wordt gezocht. Kanker heb je namelijk nooit alleen, een psychose heb je ook nooit alleen. Mensen die ooit bij deze intensieve en ingrijpende processen betrokken zijn geweest weten dit ook. Zoiets doet wat met iedereen die daarbij betrokken is en zet overal processen in gang. Dat kunnen allerlei verschillende bewustzijnsprocessen zijn maar net zo makkelijk onderdrukkingsprocessen. Het veroorzaakt hoe dan ook beweging bij alle betrokkenen.
Een intrigerende gedachte is, daarop voortbordurend, dat het ontstaan van kanker of een psychose óók niet alleen van of door de persoon is waarin het zich uiteindelijk manifesteert. Dat ook het ontstaan veroorzaakt wordt door een al dan niet bewuste afstemming en interactie tussen de verschillende betrokken personen. Niets is ooit van of voor iemand alleen. Dat is feitelijk onmogelijk als we allemaal verbonden zijn vanuit de continuïteit van leven.
Voor mij is continuïteit van leven het gegeven dat na mijn overlijden mijn lichaam zal verdwijnen door middel van een crematie of een begrafenis. Natuurlijk kan het ook door een vreselijk ongeluk verloren gaan maar daar ga ik in eerste instantie maar even niet vanuit. Mijn lichaam gaat verloren, maar mijn bewustzijn blijft intact. Dat bewustzijn van dit leven[i] is de basis voor het volgende leven. Ontstaan in alle voorgaande levens waar dit leven dan wordt bijgevoegd en het geheel verandert. Het bewustzijn dat er dan is, is dat wat blijft en verder gaat. Zo ontstaat continuïteit van leven waarin het bewustzijn zich elke keer meer gebied kan toe–eigenen, elk leven voegt er namelijk wel wat aan toe.
Hoe werkt dit precies?
Allereerst, en dan spreek ik mezelf gelijk weer tegen, is het goed om te beseffen dat bewustzijn niet kan groeien. Ook kunnen we niet bewuster worden van iets. Wat kan groeien is ons persoonlijke aandeel in het totale aanwezige ondeelbare bewustzijn. Je kunt het vergelijken met het volgende beeld.
We zijn ooit begonnen met een klein tuintje in een onmetelijk en oneindig groot én beschikbaar natuur gebied. Dat tuintje schermen we af met bijvoorbeeld een hek zodat het overzichtelijk en goed te behappen is. We beschouwen dat dan als onze eigen tuin en beschermen het ook als zodanig. We willen er ook alleen dát in hebben wat we zelf gekozen hebben en wat we kennen. Daarmee kunnen we zo bezig zijn dat we uiteindelijk helemaal vergeten dat buiten onze eigen tuin onnoemelijk veel ruimte is en waar nog allerlei ons onbekende planten en andere materialen zijn. Zaken die onze tuin nog veel mooier en grootser zouden kunnen maken. Wat ons dan tegenhoudt is de angst om het overzicht kwijt te raken, om het gevoel van veiligheid en zekerheid kwijt te raken, stel dat dit of dat gebeurt, stel dat… Angst, twijfels, miskenning en schuld. Liever behouden we het kleine tuintje zoals het is, dat kennen we, daar voelen we ons veilig in, dat moet het liefst zo blijven.
Het bewustzijn dat wij vanuit onze ik–positie als van onszelf ervaren, is in feite een door onszelf afgescheiden deel van het totale collectieve bewustzijn. Ons eigen kleine afgescheiden tuintje in een onmetelijk natuurgebied. Het enige wat wij dus kunnen doen is onze eigen persoonlijke drempels, onze eigen beperkende denkpatronen en emotionele gebondenheden doorbreken. Te vergelijken met het omver halen van de hekken en muren die we ooit om onze eigen tuin heen gezet hebben, zodat we nu meer ruimte durven en kunnen gaan innemen. De ruimte die we dan kunnen betreden ervaren we dan vaak als iets nieuws, alsof we werkelijk iets nieuws hebben ontdekt. Ook is er dan vaak de neiging om dat nieuwe gebied weer als “van ons” te benoemen. Maar feit is dat het nieuwe er in feite altijd al is geweest, geen eigenaar heeft én we zijn er feitelijk nooit van weggeweest omdat dat wat we als van onszelf hebben ervaren, altijd al ingebed is geweest in dat oneindige, dat enorme ondeelbare natuurgebied…
Dit doorbreken van die eigen muren en patronen, vraagt van ons dat we dus meer durven ervaren, voelen, beleven, weten, leren, aangaan wat aangegaan kan worden en loslaten wat losgelaten kan worden. Door dit proces bewust aan te gaan vergroten we dan als het ware het persoonlijk beschikbare bewustzijnsgebied. Hierdoor landen we meer en meer in het totale en oneindige bewustzijnsveld dat er is. Je zou kunnen zeggen dat door meer in onze kracht te gaan staan, minder afhankelijk te zijn van vermeende veiligheden en zekerheden, we meer bewustzijngebied durven instappen. En meer bewustzijnsgebied kunnen ontsluiten. We zijn dan niet bang meer voor veranderingen en durven vastgeroeste patronen en groeven los te laten, durven nieuwe dingen aan te gaan, andere mensen en ideeën te ontmoeten. Dan zitten we niet meer zo vast aan vermeende zekerheden en veiligheden die ons kleine tuintje ons altijd geboden heeft. We durven dan een grotere tuin ‘aan te gaan’.
Dit doen wij mensen over het algemeen niet zomaar. Waarom zou je ook? Zolang je tuintje het lekker doet en je voelt je er veilig en zeker in, waarom zou je dat veranderen? We doen dat over het algemeen pas als het eigen kleine tuintje niet meer die voldoening geeft die het altijd heeft gegeven. We willen dan meer, willen anders, willen nieuwe dingen, nieuwe ideeën, nieuwe mogelijkheden. Dan worden we onrustig in dat tuintje, ongedurig, ontevreden… De tuin is dan saai geworden, vanzelfsprekend en doods geworden. Ook kunnen we zat zijn van die veiligheid en zekerheid die dat kleine tuintje altijd geboden heeft. Ook kan het zijn dat er problemen ontstaan in dat kleine tuintje en dat er in dat kleine tuintje geen oplossingen te vinden zijn voor die problemen, en dan moeten we wel op zoek gaan naar oplossingen buiten de eigen tuin. En soms doen we dat pas als de problemen uiteindelijk levensbedreigend zijn geworden.
Dan gaan we pas op weg, op zoek naar iets anders. Je zou kunnen zeggen, op weg naar meer bewustzijnsgebied voor onszelf. En dan komen we in feite eerst tegen wat dat tuintje altijd klein en afgescheiden heeft gehouden, het hek, de muur, de greppel. De grenzen van ons eigen persoonlijke bewustzijn die daadwerkelijk verhinderen dat we, om het modern te zeggen, in kunnen loggen op dat grotere bewustzijn. De ontmoeting met die grenzen is niet altijd even makkelijk. Die grenzen hebben we ooit neergezet om overzicht te houden, om te bewaren en te bewaken wat we kenden en waar we onszelf veilig en zeker bij voelden. Om dat nu zomaar om te gooien voelt vaak erg beangstigend. Dan komt opeens die onveiligheid en onzekerheid om de hoek kijken die we altijd hebben geprobeerd weg te houden door middel van dat hek, die grens.
Het aangaan van die grenzen is in wezen de ontmoeting met je innerlijke houding ten opzichte van het leven. De innerlijke houding die bepalend is voor wat je doet, wat en hoe je denkt over jezelf en anderen en het leven. Hoe je jezelf voelt en hoe je met gevoelens van jezelf en anderen omgaat. Dus hoe je jezelf en je omgeving beleeft en daar mee om gaat. Die innerlijke houding is ontstaan door je opvoeding, de maatschappelijke orde waarin je opgegroeid bent, de religieuze en politieke voorkeur van je ouders en jezelf. Maar ook je man of vrouw zijn, gerelateerd aan je lichamelijke gesteldheid en de archetypische aspecten van dit man en vrouw zijn. Al die factoren bepalen hoe je kijkt naar jezelf, de ander en alles wat daarbinnen gebeurt.
Die innerlijke houding is geen vaststaand gegeven, maar dat lijkt vaak wel zo. Mensen spreken het vaak ook zo uit: “ik ben nou eenmaal zo, dat is mijn karakter, dat is mijn persoonlijkheid, ik ben nou eenmaal zo opgevoed, ik ben nou eenmaal dit of dat”. Alsof het allemaal vaststaande feiten zijn die niet meer kunnen veranderen. En dat is een hele grote misvatting want wat je aangeleerd is kan ook weer veranderen. Karakter, persoonlijkheid, het zijn kneedbare zaken die in stand gehouden worden door keuzes. Keuzes in voor– en afkeuren, in bekende wegen en onbekende wegen. Er staat werkelijk niets vast. En dat blijkt vaak ook als mensen diepgaande processen hebben meegemaakt. Dat blijkt mensen totaal te kunnen veranderen. Van een angsthaas in een lefgozer, van een droeftoeter naar iemand die elke dag viert alsof het zijn of haar laatste is. Blijkbaar, als er maar genoeg reden voor is, kan een mens alles met betrekking tot die innerlijke houding en dat gedrag, en soms zelfs ook fysiek, in zichzelf veranderen.
Elk idee, elk gevoel dat je hebt kun je onderzoeken en testen op waarheidsgehalte, op realiteitszin en op effectiviteit. Mijn ouders hebben mij geleerd om patat te eten met mes en vork, maar dat wil dan nog niet zeggen dat ik mijn hele leven patat met mes en vork moet blijven eten. Mijn ouders hebben mij ook jarenlang meegenomen naar de gereformeerde kerk en ook dat is iets wat ik niet mijn hele leven hoef te blijven doen. Als ik maar verder durf te kijken, als ik maar dat soort zaken in mijzelf ter discussie durf te stellen, als ik maar meer mijn eigen weg durf te gaan in dat alles. Dan kunnen al die aangeleerde groeven en patronen eventueel veranderen of geheel losgelaten worden, voor zover je dat natuurlijk noodzakelijk vindt. Niet elk aangeleerd gegeven zit in de weg of is fout of slecht. Waar het om gaat is vaak het herwinnen van je eigen vrijheid en vanuit die eigen vrijheid kun je dan soms toch dingen doen op de wijze die je ooit dwingend is opgelegd. Toch voelt het vanuit jezelf doen dan anders, meer van jezelf, meer vanuit jou. Het is dan geen automatisme meer maar een bewuste keuze en dat heeft een andere kwaliteit, ook al gaat het over dezelfde handeling, dezelfde overtuiging. Dat werken aan die grenzen van je eigen bewustzijnsgebied, is een werken met je groeven en patronen, je muren en blokkades. Schematisch kun je dat als volgt weergeven;
Innerlijke houding
De innerlijke houding is dat wat bepaald hoe je kijkt, voelt, denkt en uiteindelijk handelt in jezelf en daardoor in je wereld. Je innerlijke wereld die je handelen in de buitenwereld bepaald.
Wordt bepaald door mate van bewustzijn
Het eigen veld van bewustzijn, daar waar alles ligt wat je weet, kent, ervaren hebt, geleerd hebt, meegemaakt hebt. Daar waar je je oplossingen zoekt en waar vanuit je je volgende stap bepaald. Dit veld is afgeschermd van het geheel, de eenheid, het totale bewustzijn.
Bewustzijn wordt beperkt door groeven en patronen
Dat wat de afscherming van het geheel of de éénheid vormt en in stand houdt. Muren en blokkades, opgelopen in dit en voorgaande levens, gevoelens en ideeën van afgescheiden zijn, niet goed zijn, alleen zijn. Muren die beschermen maar ook beperken. Vaak pas herkenbaar als er op het eigen veld geen oplossing gevonden kan worden voor de problemen die zijn ontstaan. Dat gescheiden zijn van het geheel is ontstaan door zogenaamde emotionele muren. Muren die bestaan uit angst, twijfel, schuld en miskenning
Verandering door bewustzijnsprocessen
Stil gaan staan bij dat wat er nu is, hoe dat voelt, wat het voor je betekent, wat jij er werkelijk mee zou willen doen. Onderzoeken wat je tegenhoud, wat je belemmert te doen wat je diep van binnen wilt, of te zijn wie je werkelijk wilt zijn. Niet meer doorrennen of op zoek zijn naar substituten om leegten op te vullen, gevoelens weer zo snel mogelijk weg te werken e.d.
Hierdoor verandering in de innerlijke houding
Het stil staan geeft ruimte voor nieuwe invalshoeken, nieuwe ideeën, meer inzicht waardoor de innerlijke houding in feite feedback krijgt en dus weidser kan worden. Dit stilstaan leert je je eigen muren en blokkades kennen en het vinden van wegen om door doorheen te kunnen zodat groei en bevrijding mogelijk wordt.
En deze bewustzijnsprocessen veranderen dan uiteindelijk de innerlijke houding waardoor je dus anders kunt gaan kijken naar jezelf en de ander en alles wat gebeurt in het leven en beleven.Zoals nu duidelijk is, is je innerlijke houding erg bepalend voor hoe je omgaat met dat wat het leven je aanreikt. In feite hebben we toegang tot het complete en eindeloze bewustzijnsveld dat er is, het zijn slechts onze eigen beperkingen waardoor we daar geen gebruik van willen, kunnen of durven maken. We hoeven alleen het hek weg te halen, onze eigen muren en blokkades te doorbreken en we hebben toegang tot oneindig veel ruimte, kennis, inzichten, weten, ervaringen enzovoorts.
De identificatie met ons lichaam, met ons man zijn of vrouw zijn, met onze eigen gedachten en gevoelens over onszelf, aangenomen en aangeleerde overtuigingen en aannames over “ik” ten opzichte van de wereld, beperken dit bewustzijnsveld. Jezelf afvragen: ‘ben ik mijn gevoel, mijn denken, mijn handelen, mijn lichaam, mijn verleden, mijn ervaringen, mijn toekomstverwachtingen, of héb ik dat allemaal en bén ik meer dan dat?’ zijn daarin cruciaal. Zeker geen makkelijke vragen, en zeker geen makkelijke materie. Toch zijn deze vragen in mijn zienswijze erg belangrijk als je jezelf wilt verdiepen in je eigen leven en de situatie waarin je zit, zeker als die situatie vol strijd en conflicten zit.
Vaak zie ik dat mensen hun eigen wereld erg klein hebben gemaakt door zichzelf bijvoorbeeld angstvallig vast te houden aan beperkende maar o zo veilige gedachten. Bijvoorbeeld de gedachten zoals ik die al eerder aangaf: “ik ben nou eenmaal zo", waarin soms niet wordt gezien dat het zijn zoals je bent een keuze is, al dan niet bewust gemaakt uiteraard. Ook de gedachte of overtuiging om niet goed te zijn, niet waardig te zijn, iets niet te kunnen, vast te zitten in een bepaalde situatie enzovoorts. Het zijn vastgeslagen overtuigingen, ooit ontstaan doordat anderen je dat misschien ooit hebben wijsgemaakt. Misschien zelfs wel je eigen vader en moeder. De grootste belemmeringen of beperkingen kun je in vier hoofdgroepen verdelen; angst, miskenning, schuld en twijfel. Dat zijn als het ware dé beperkingen van je bewustzijnsveld, daar zijn de ommuringen van gemaakt waarmee je jezelf afgescheiden hebt van het totale bewustzijn. Deze vier zijn als het ware de stenen van de muren die je gevangen, en dus klein houden. Die voorkomen dat je vrij kunt bewegen tussen alles wat deze wereld, dit bewustzijn, dit menszijn, je te bieden heeft.
Het lichte veld waar "ik" sta(at), is als het ware je eigen bewustzijnsveld, je eigen tuintje. Laten we de beeldspraak van het tuintje weer loslaten en verder gaan met het eigen bewustzijnsveld. Op dat veld ligt alles wat je weet, kent, hoe je je eten moet klaarmaken, hoe je moet autorijden, hoe je moet praten, hoe je moet werken, je herinneringen, wat je geleerd en ervaren hebt, je ervaring met lichamelijke sensaties. Kortom, dat is alles waar vanuit je leeft, denkt, voelt en handelt. Het is ook jouw eigen gebied waarin je je veilig en zeker voelt. Er omheen liggen nog veel meer bewustzijnsvelden, alleen daar kun je niet bijkomen omdat er een hek of muren om je eigen veld heen liggen. Misschien weet je niet eens dat er buiten je eigen speelveld nog meer velden zijn waar van alles te doen, te zien, te ervaren en te leren is. Misschien heb je niet eens in de gaten dat er muren zijn. Deze muren zijn in feite je bescherming én je beperking. Dat eigen bewustzijnsveld wordt als groot genoeg en goed ervaren als datgene wat er allemaal op ligt voldoende is om problemen op te lossen, vragen te beantwoorden, je leven op de rails te houden, dromen uit te laten komen, mensen te ontmoeten, vrienden te maken, je relaties te verdiepen, je werk te doen, je levensvragen te beantwoorden.Je eigen bewustzijnsveld op het totale veld.
Een probleem ontstaat als er iets in je leven gebeurt en je kunt op je eigen bewustzijnveld geen oplossing meer vinden. Als er bijvoorbeeld lijden je leven binnenkomt en je kunt er niets mee, of als er ruzies ontstaan en je krijgt ze niet opgelost of gestopt. In feite kun je dan een aantal dingen doen, bijvoorbeeld ontkennen en weglopen of je kunt het aangaan.
Je kunt een probleem bagatelliseren of ontkennen en eventueel binnen je eigen bewustzijnveld substituten zoeken, vluchtwegen zoeken, de schuld buiten jezelf neerleggen, zodat het probleem niet meer als probleem ervaren wordt of weggemoffeld wordt. Je kunt ook het probleem op een ander projecteren zoals binnen ruzies vaak gebeurt. Het ligt dan aan de ander en die moet veranderen en dan pas kan de situatie – dan pas kun jij – veranderen. Je kunt ook de gevleugelde uitspraak nuttigen, dat het probleem van de ander niet jouw probleem is, ook al is het je geliefde. Uiteraard is dat niet waar omdat een relatie altijd bestaat door inbreng van alle betrokkenen en als er één een probleem heeft, hebben beide een probleem, niets is van of voor iemand alleen.
Een andere optie is dat je gaat kijken of je ergens de benodigde kennis, inzichten, werkwijze, methodieken, ervaringen of wat je dan ook denkt nodig te hebben kunt vinden. Dat laatste is vaak in eerste instantie de moeilijkste weg want het vraagt van je om de jou bekende weg, je bekende veilige gebied los te laten en daar buiten te gaan kijken. Eigenlijk dus om je eigen muren door te breken en je bescherming los te laten en dus je beperking te doorbreken. Dan pas ontstaat er ook echt behoefte aan meer ruimte, meer kennis, meer inzichten, meer begrip, meer acceptatie, meer nieuwe en andere benaderingen en concepten. Dan pas kom je er achter dat je eigen bewustzijnsveld misschien wel te klein is. Zoals ik al eerder schreef is deze stap vaak niet de eerste en meest voor de hand liggende stap. Meestal moet er dan een behoorlijk ernstige gebeurtenis plaatsvinden of situatie ontstaan, want mensen laten over het algemeen hun veiligheid niet zo makkelijk los.
Maar als er dan gekozen wordt om verder te gaan kijken dan het eigen speelterrein dan vraagt dat wel één en ander. Aangezien je dan de muren van je eigen bewustzijn zult gaan doorbreken heb je het dan in feite over bewustwordingsprocessen die je innerlijke houding kan gaan veranderen. Je houding die gebaseerd is op je eigen bewustzijnsveld en alles wat daarin aanwezig is. Soms is lijden niet het probleem maar hoe jij om gaat met dat lijden, dus hoe je ertegenaan kijkt, over denkt, voelt, mee om gaat. Hoe je innerlijke houding wat betreft het lijden is samengesteld. Het doorbreken van die muren is een hele klus en daar is ook het één en ander over te zeggen. Iedereen heeft verschillende muren. De vier hoofdbestanddelen waar die muren uit bestaan en die de muren eng maken, moeilijk maken, zijn bij iedereen hetzelfde. Zoals eerder aangegeven bestaan deze muren uit angst, twijfel, miskenning en schuld. Dat is bij iedereen zo, alleen verschilt de mate waarin deze aanwezig zijn.
Bij de één staat angst voorop en dat uit zich door bijvoorbeeld geen stappen durven nemen, geen confrontatie aan durven gaan, niet durven veranderen of de ooit aangeleerde routes en aangeleerde gewoontes los te durven laten. Angst kan erg op de voorgrond staan en kan heel erg groot en verlammend zijn. Uiteraard kan een gezonde hoeveelheid angst ook zeer behulpzaam en nuttig zijn. Angst laat je soms je stappen en acties goed overwegen, je goede voorbereidingen doen treffen, je op je hoede laten zijn zodat je niet besodemieterd wordt, je voorzichtig laten zijn in onbekende gebieden en steden. Angst is op zich niet verkeerd mits het maar in balans is.
Bij de ander kan dat de twijfel zijn. Moet ik nou dit of dat doen? Zou dit wel kunnen of mogen en lukt mij dat wel? Klopt het wel wat de ander zegt of wat ik zelf denk? Krijg ik geen spijt als ik dit of dat doe? Ook twijfel kan verlammend en stagnerend werken in mensen. Een gezonde hoeveelheid twijfel is juist weer zinvol en kan voorkomen dat je te spontaan de verkeerde dingen doet of je eigen intuïtie en weten ontkent en niet gebruikt.
Weer een ander zal zichzelf erg miskennen en dus niet waardig genoeg vinden. Die vindt van zichzelf dat anderen het altijd beter kunnen: ‘ik kan het toch niet, dat lukt me nooit, ik ben daar te dom voor, die ander kan het veel beter, was ik maar zoals die ander’. Maar ook hier weer zal er een balans moeten zijn tussen bijvoorbeeld jezelf waarderen en miskenning, zodat je bijvoorbeeld niet in arrogantie schiet, niet betweterig wordt maar jezelf ook weer niet aan de kant wegzet.
En weer een ander zit met een lading schuldgevoel. Ervaart dat alles altijd aan hem of haar ligt, vindt zichzelf altijd te kort schieten en doet het nooit echt goed. Bij schuldgevoel ligt voor zover ik weet geen positieve insteek, schuldgevoel, ook een beetje, is altijd schadelijk. Daarbij maak ik wel de opmerking dat schuldgevoel niet verward moet worden met geweten….
Deze vier hoofdgroepen bepalen de muur die het persoonlijk bewustzijnsveld omvat en bepalen daarmee hoeveel bewegingsruimte je hebt in je leven. Ben je vrij om dat aan te gaan wat je wilt aan gaan, om stappen te zetten, om veranderingen aan te gaan, om vernieuwing aan te brengen of word je tegengehouden door die angst, schuld, miskenning en twijfel? Uiteraard zijn deze vier aspecten sterk met elkaar verbonden en beïnvloeden ze elkaar voortdurend.
Nu lijkt het erop dat die muren alleen maar ellende in zich dragen. Zo kan dat ook echt voelen en beleefd worden. Vandaar dat we die muren liever niet benaderen en maar gewoon blijven zitten waar we zitten en vaak te bang zijn om veranderingen aan te gaan, groeven en patronen te doorbreken en vaak angstvallig vasthouden aan de zekerheden en veiligheden die het bekende gebied ons geeft. Maar niets is minder waar, het lijkt alleen maar zo. Er zit veel meer in die muren dan je in eerste instantie zou zeggen. Angst, schuld, twijfel en miskenning zijn ooit ontstaan in situaties waarin je vaak en langdurig geïntimideerd bent. Laat ik miskenning eens als voorbeeld nemen. Miskenning kan ontstaan als je elke keer te horen krijgt dat je het niet goed doet en het ook nooit goed zal kunnen doen. Dat je een sukkel bent, niet goed wijs bent, alles stom doet, er altijd een puinhoop van maakt, dat je lelijk bent en de stomste van het gezin…. Alles wat je doet en wie je bent en wat je laat zien van jezelf wordt afgekeurd door de mensen om je heen en die zeggen het allemaal beter te kunnen. Als deze situatie langdurig is dan durf je uiteindelijk niets meer te doen en laat je de ander maar beslissen en voorgaan. Je neemt hun mening over en beschouwt dat uiteindelijk als een betere waarheid dan je eigen inzicht. Die ander hoeft dat soms niet eens uit te spreken, soms kun je dat gewoon voelen en gezichten kunnen wat dat betreft boekdelen spreken. Hierdoor wordt ook je twijfel groter, je angst om het niet goed te doen groeit en uiteindelijk als je zelf besluit dat het inderdaad allemaal aan jou ligt, zul je je ook schuldig gaan voelen. Daarmee is de muur compleet. Maar wat is daarmee lamgelegd? Daarmee is bijvoorbeeld ook je lef, je creativiteit, je eigenwaarde, je vertrouwen, je zelfvertrouwen, je kracht, je vermogen tot liefhebben van de ander en jezelf lamgelegd. Al die mooie kwaliteiten zitten als het ware óók in die muur ingesloten. Die heb je moeten beschermen tegen die afwijzing, bedreiging en intimidatie. In die zin is een muur niet alleen een beperking maar ook een bescherming, een bescherming voor die mooie en kwetsbare kwaliteiten van jezelf. Ga je de muren openbreken en doorvorsen dan zul je dus die angst, twijfel, schuld en miskenning ontmoeten maar tevens zul je daarmee die kwaliteiten weer gaan bevrijden en weer kunnen gaan gebruiken. Je doorbreekt dan je eigen beperkingen en bevrijdt je kwaliteiten doordat je er de harde schillen van angst, twijfel, miskenning en schuld vanaf pelt, laagje voor laagje. Het weer (meer) gebruik kunnen maken van die kwaliteiten helpt je om nieuwe gebieden te doorvorsen, om stappen te nemen waar je altijd bang voor bent geweest, om oplossingen te verzinnen, om te gaan staan op een wijze zoals jij dat wilt. Dan heb ik het dus over bevrijding en groei.
In de reïncarnatieleer, laat ik het continuïteit van leven noemen, gaat dit proces van bewustzijnsgroei constant door en daarbinnen valt ook het sterven en geboren worden. Door verschillende levens, in verschillende landen, verschillende tijden, verschillende vormen, bijvoorbeeld; man, vrouw, gezond, ziek, arm, rijk, in vrede of in oorlog, doen wij enorm veel ervaringen op en leren het leven vanuit alle mogelijke perspectieven te beleven. Door al deze levens worden we steeds bewuster van de totaliteit van leven, en van de éénheid in verscheidenheid, van het gehele bewustzijnsveld. Uiteindelijk is het een enorm leerproces waarin de veelomvattendheid van leven ons de weg zal wijzen naar uiteindelijk de vrijheid van keuze voor licht en liefde, voor oneindige mogelijkheden, oneindig bewustzijn.
Prachtig allemaal, maar het is al heel veel als we vanuit dit alles kunnen groeien in de gewone, maar o zo waardevolle menselijke warmte voor onszelf en voor de ander en het andere. De wereld zou er al heel anders uit zien als dát de overhand zou krijgen op onze aarde.
Bron: http://www.droog.info - Rob Droog

